Posts tonen met het label shinkansen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label shinkansen. Alle posts tonen

maandag 10 augustus 2009

Heldin in Hiroshima

A-Bomb Dome in Hiroshima

Hiroshima

Hoewel ik geheel in de veronderstelling dat het regenseizoen eindelijk afgelopen was, regende het redelijk hard op de ochtend van mijn vertrek naar de stad die de atoombom-ellende van Nagasaki volkomen begrijpt; Hiroshima.

Mijn energieke persoon begon enigszins kribbig te worden bij het aanzicht van de enorme klodders water die uit de hemel kwamen vallen, maar gaan moest ik.. omdat de shinkansen-tickets een fortuin hadden gekost. Belachelijk, 22.260 (uit het hoofd.. VEEL.. +-200€) yen voor een retourtje Nagasaki-Hiroshima.

Nadat Matthias me had uitgezwaaid en ik door de regen naar de tram slenterde drong het tot me door dat reizen in een kort rokje niet bepaald praktisch is. Hoewel ik rechtsomkeer had kunnen maken en me thuis had kunnen omkleden overwon luiheid dan toch..

Eenmaal neergeploft op de comfortabele leren stoelen van de Kyuushuu-shinkansen hing ik voorover en was ik vrijwel snel van de kaart. Wakker werd ik weer op Hakata (Fukuoka) en na een snelle overstap zou het slechts anderhalf uur duren om naar de andere atoombom-stad te reizen.

Ik moest goed kijken of ik niet bij een of andere pauper, boerengat uitstapte, want het station van Hiroshima was niet te vergelijken met een Kyoto, Nagasaki of laat staan Tokyo. Hoe dan ook, ervan uitgaand dat ik goed zat begaf ik me naar de uitgang en zag.. beton. Hiroshima werd volgens mij redelijk snel en industrieel opgebouwd na de val van de bom. Ietwat teleurgesteld door het aanzicht troostte ik mezelf door te bedenken dat ik gewoon chagrijnig was omdat ik een paraplu mee had gesleept die ik waarschijnlijk niet zou gebruiken, mijn rokje steeds omhoog kroop door mijn rugtas en ik nog een ruim uurtje naar mijn hostel moest lopen..

Nadat ik als een stereotype toerist, turend in mijn reisgids, me door de straten van Hiroshima waande (ik tuurde zo hard, dat ik bijna tegen een paal op was gelopen. Vrouw), bedacht ik me wat ik wilde gaan zien voordat ik zou inchecken. Zo stuitte ik heel toevallig op het kasteel van Hiroshima. Je kan er geen boek over schrijven, maar het is wel cultureel verantwoord.
Daar is die dan..

Ik verveelde me al gauw, omdat kastelen me om een of andere reden niet veel interesseren. Een van de redenen om naar Hiroshima te gaan was voor mij vanwege het beroemde Vredespark en Atoombom-museum. Daarom probeerde ik me op een redelijk tempo in die richting te begeven.

Tijdens deze queeste stond ik tegenover de beroemde Atoombom-koepel waarvan de, op 6 augustus 1945 door de atoombom verwrongen metalen, skelet nog triomfantelijk aan de gracht stond. In een surrealistische waas liep ik er een rondje omheen en bedacht ik me hoe bizar het was dat ik op dezelfde verwoeste grond als ca. 64 jaar stond.

Aanzicht vanaf een brug

Symboliseert het voor mening inwoner van Hiroshima de vrede of herinnert het aan de verwoestende kracht van de atoombom?

Oorspronkelijk was de A-Dome de Hiroshima Prefectural Industrial Promotion Hall

Nadat ik vanuit iedere mogelijke hoek een foto had geschoten van de Genbaku-Domu vond ik dat het tijd werd om mijn bagage te dumpen. Zoals een echte vrouw, liep ik twee rondjes om locatie X heen voordat ik daadwerkelijk mijn hostel had gevonden.

Nadat ik naar binnen was gelopen vroeg ik aan de Japanse, die vloeiend en accentloos Engels sprak, of ze daadwerkelijk een Japanner was. Daarna werd ik al gauw naar mijn dormitory begeleid waar ik begroet werd door een immense onderbroek, die uitgespreid op de futon van mijn afwezige buurvrouw lag. Als een echte circustent..

Met Rapid-Brow-Movement maakte ik me gauw uit de voeten vanuit de, naar mijn smaak veels te internationaal gerichte, hostel. De hoeveelheden stereotype Amerikaantjes waren te aanwezig.

De lijst vol dingen die ik als angstig ervaar is redelijk lang, maar dat terzijde. Ik ging dus naar het Atoombom-museum en ik had er veel zin in! Dit klinkt luguber, maar zoals je al weet heb ik een ziekelijke interesse in oorlogsmonumenten en musea. Vraag me niet waarom, want ik ben er zelf ook nog niet achter. Maar goed, ik kocht een entreekaartje en tot mijn grote verbazing was het museum een ware heksenketel. Massa's, en dan ook massa's Amerikaantjes en Fransen stonden luidruchtig voor alle bordjes foto's te maken. Ik begreep al niet zo goed waarom er überhaupt foto's mochten worden gemaakt en vond ik het uiterst ongepast dat mensen zo luidruchtig aanwezig zijn. Ook had ik mijn lengte niet mee, want ik kon daadwerkelijk niets lezen.

Lichtelijk geïrriteerd ging ik de trap op om een andere afdeling te bekijken, maar mijn irritatie stagneerde omdat er twee lompe, pardon my french, wijven, zonder maar iets te bekijken van alles foto's zaten te maken en ook nog eens uitspraken zoals: "Yeah, this could've been prevented if they haven't bombed Pearl Harbor" deden .. Stelletje lompe zwijnen, de aanval op Pearl Harbor is toch niet te vergelijken met een atoombom die nog decennia later de gezondheid van mensen negatief beïnvloedt? Gatverdamme zeg! PIGS!

Om een lang verhaal kort te houden; ik ging er sneller doorheen dan dat ik had gedacht. En om de depressie van me af te schudden besloot ik naar het centrum te gaan. Wat me meteen opviel waren de groepjes mannen in pak die in het midden van winkelstraatkruispunten met een aantal telefoons in de gemanicuurde handen stonden. Ik had meteen door dat deze gladde heren 'hosts' waren, en dat is een nette term voor 'gezelschapsheren' die een avond met je doorbrengen. Dit is uiteraard tegen betaling en er is meestal geen sprake van seksuele activiteiten.

Vanuit de Starbucks observeerde ik deze heren in hun natuurlijke habitat en zag ik sporadisch meisjes verschijnen, werd er gebabbeld en werden er afspraakjes gemaakt. Inderdaad, met meerdere tegelijkertijd. De "man-host" is daadwerkelijk een interessant wezen.

Nadat de host zijn habitat had verlaten had ik ook niets meer om te observeren, dus besloot ik maar naar het hostel terug te keren. Eenmaal terug babbelde ik met wat mensen, en was ik best verbaasd over het feit dat veel mensen docent Engels op Kyuushuu zijn. Blijkbaar kun je, als Engelse native speaker, een maximale vijfjaarcontract krijg om Engels te doceren. Accommodatie wordt vergoed en je hoeft niet eens goed Japans te spreken.

Eenmaal op mijn kamer mailde ik het thuisfront in Nagasaki dat ik met drie enorme vrouwen op de kamer lag en ik bang was dat ik 's nachts zou worden opgegeten..

Miyajima

Op dag twee van mijn reis stapte ik op de tram en ging ik richting haven. Waarom? Om met de ferry naar het heilige eiland Miyajima te gaan. Miyajima is een heilig Shinto-eiland waar er blijkbaar geen mensen op mogen worden begraven. Er mogen ook geen kinderen op worden geboren, maar ja, wat als de nood hoog is? Maar goed, how would one know for sure? Ik lag er niet wakker van, want ik wilde een gezellige, zonnige middag rond de Itsukushima-schrijn en die prachtige, drijvende toorii beleven.

Miyajima eiland

Het bijzondere aan die toorii (rode poort) is dat er tijdens eb onderdoor kan worden gelopen en het tijdens vloed in zee lijkt te drijven. Ik heb ook gemerkt dat er wel meer dan een uur overheen gaat voordat het vloed wordt..

Ik vermaakte mezelf ondertussen door de schrijn binnen te gaan en wat prachtplaatjes te schieten.

Binnenkant Itsukushima-schrijn, als het vloed is staat het vol water

Ik heb twee woeste mannen gestrikt om deze foto te maken

Voorkant van de schrijn

Toorii tijdens eb

Nadat het tot me door was gedrongen dat het redelijk lang duurt voordat het vloed wordt besloot ik wat specialiteiten te proeven. Zo genaamde Momiji-manjuu is een cakje in de vorm van een herfstblaadje met een inhoud van zoete bonen-pasta. Het is tevens een Hiroshima-specialiteit, maar op Miyajima werden de cakejes in allerlei smaken verkocht, en dat wilde ik uiteraard proberen. Na wat ingekocht te hebben besloot ik te chillen op een bankje met het uitzicht op de toorii. In de veronderstelling dat ik op mijn gemakje, onder het genot van een muziekje mijn cakejes zou kunnen opeten, kreeg ik de schrik van mijn leven toen mijn tas bruut werd aangevallen door een hongerige hert. Tja, die lopen er los.. monsters!

Met trillende handjes probeerde ik mijn tas op te pakken en te vluchten, maar jammer genoeg zat het vast aan de bank (!) met als gevolg dat de helft van mijn cakejes sneuvelden aan de kaken van dat zogenaamde heilige beest. Heel veel mensen hebben ongetwijfeld van dit theater genoten..

Die smeerlap!

Eindelijk vloed ~

Blaadjes zijn beter voor je dan cakejes van toeristen, vent

Na mijn vernedering besloot ik nog even een rondje door de winkelstraat te maken, nog wat vloed-foto's te maken, schaafijs te eten en terug te keren naar het vaste land.

Gelukkig kwam ik de eigenaar van de immense onderbroek tegen op de ferry en moest ik zo'n gedwongen gesprek voeren. Je weet wel, zo eentje waarin je quasi-oprecht moet glimlach en geïnteresseerd moet doen en alles.. gelukkig duurde de tramrit maar drie kwartier.. onze wegen splitsten zich toen ik vertelde dat ik voordat het donker zou worden nog even wat tempels wilde zien
. Dit was overigens geen leugen, maar de tempels bleken begraafplaatsen te zijn, dus ging ik maar de naar de meest hippe Starbucks van Hiroshima. De Starbucks in het NHK-gebouw. En hoewel ik bezweet en underdressed was kon ik daar twee uur chillen en reflecteren over mijn geworstel met die hert.

Iwakuni

Op dag drie dacht ik dat het wel avontuurlijk zou zijn als ik, met al mijn spullen, onder de hete zon naar het station zou lopen. Ik had de afstand onderschat en was harstikke kribbig vanwege het gebrek aan voedsel, maar ik moest doorbikkelen vanwege tijdnood. Ik wilde namelijk naar het stadje Iwakuni (rotsland/rotsprovincie) gaan. Het is een boerengat op ongeveer een uur van Hiroshima verwijderd, maar het staat bekend om die-ene-mooie-brug.

Volkomen bezweet, aangekomen op het station van Hiroshima, dumpte ik mijn spullen in de enige vrije locker en kocht ik treinkaartjes voor Iwakuni. Vergezeld door allerlei bejaarden tuurde ik uit het raam terwijl de trein langs lege stations raasde. Drie kwartier later kwam ik aan bij Iwakuni-eki en krabte ik op mijn bol omdat ik dacht dat ik een hooibaal voorbij had zien rollen.

Omdat ik volkomen verlamd was door de schrik van de "country side" kocht ik buskaartjes om naar de Kintaikyou-brug te gaan. Het leuke was, dat ik niet precies wist waar ik uit moest stappen en dat de bus echt in the middle of nowhere reed. Zulke ervaringen zijn meestal zowel avontuurlijk als zenuwslopend, maar gelukkig kwam het goed met me omdat ik vanuit de verte de brug zag.

Al die moeite? Welnee hij is prachtig! De 錦帯橋 (kintaikyou)

Aan de andere kant van de brug had je een groot park met allerlei rozentuinen, tempels, schrijnen, begraafplaatsen en fonteinen. Ik heb allerlei artistiek-verantwoorde foto's gemaakt.



Ik zou graag allerlei spannende verhalen over het park willen vertellen, maar die waren er gewoon niet. Natuurliefhebbers zou het prachtig vinden. Ik chillde in de schaduw met een schaafijsje.

Vakantieafsluiter!

Content door het uitzicht vond ik het wel mooi geweest, dus begaf ik me weer richting Hiroshima. Eenmaal daar besloot ik om nog even een Hiroshima-fu okonomiyaki te eten (Hiroshima stijl, Japanse hartige pannenkoek) en wat Momiji-manjuu te kopen. Omdat ik in het station bij een traditioneel zaakje stond te gluren begon de aardige mevrouw tegen me te praten. Ik vertelde haar dat ik in Nagasaki woonde en Japan helemaal tof vond, zij vond me schattig, vond me Japans goed en besloot me een aantal cakejes cadeau te doen. Ik bedankte deze lieve mevrouw en ging richting shinkansen, om terug te keren naar geliefde Nagasaki.

Impressie van Hiroshima?
Steekwoorden: beton, gigantische Amerikaantjes, man-whores en attaquerende herten natuurlijk.

vrijdag 3 april 2009

Lena's Nieuwe Liefde

Sakura aan het Filosofen Pad in het wonderschone Kyoto

En zo had ik laatst mijn eerste soloreis gemaakt. Met de lentevakantie bijna erop zitten vond ik het zonde om mijn tijd in Nagasaki te spenderen en moest ik gewoon even weg. Lekker alleen, zodat ik met niemand rekening hoefde te houden. In Nagasaki bloeide al wat sakura (kersenbloesem), maar dit bevredigde de romantische Lena diep van binnen nauwelijks en daarom besloot ze af te reizen naar de oude hoofdstad Heian oftewel Kyoto.

Ik ben helemaal gek op Kyoto en ben er al eerder geweest in november met de studiereis van de universiteit, maar met slechts een anderhalve dag in de prachtige stad deed dit een beetje zeer. Ik wilde Kyoto in de lente herontdekken, sakura en tempels bekijken, shoppen, met mensen afspreken en dit alles op mijn dode gemakje doen!

Woest op zoek naar hostels op internet, en nog steeds een beetje getraumatiseerd door het hostel in Okinawa, vond ik voornamelijk dormitories. Ik ben zo'n iemand die erg op zijn privacy gesteld is en hekel heeft aan het delen van personal space, maar een single room was veel te prijzig gezien het feit dat ik al een voortuin kwijt was aan de shinkansen tickets.

Zo stuitte ik op het hosteltje Gojo-Guesthouse en boekte ik maar. Later bleek dat het the best choice ever was!

Een week later vertrok ik op een vroege zondagochtend richting het station om mijn Kyuushuu-kagome sneltrein van 9:32 te pakken. Na wat geslapen te hebben werd ik alweer wakker op Hakata, Fukuoka en moest ik even een sprintje trekken naar de shinkansen. Terwijl ik buiten adem mijn gereserveerde zitplaats zocht bleek dat er een salarisman zat. In mijn meest subtiele Japans vroeg ik of dat niet misschien, eventueel, mogelijk mijn zitplaats zou kunnen zijn. Nadat ik mijn kaartje liet zien, antwoordde hij met een: ”マジですか?" (serieus?) en stond meteen nerveus op. Later bleek dat ik gelijk had en hij in de verkeerde wagon zat. De komende vier uur vermaakte ik mijzelf met wat literatuur, muziek en gebabbel met een Japanse vrouw naast me.

Aangekomen op Kyoto rond 14:30 stond ik oog in oog met Kyoto Tower en terwijl de aangename zonnestralen mijn vermoeide gezicht streelden voelde ik me meteen goed en besloot ik mijn spullen bij het hostel te dumpen en keihard op pad te gaan.
Kyoto Tower, mijn missie voor de volgende keer: naar de top!

Het stratensysteem van Kyoto is eigenlijk heel simpel. Het is volgens mij gebaseerd op een rastersysteem en kruisingen van straten zijn net coördinaten. Wat ik wel onderschat had waren de loopafstanden.. dat zou ik over twee dagen weten ook..

Hoe dan ook, mijn hosteltje lag op een half uurtje loopafstand van het station af en lag ook nog eens aan een grote weg genaamd Gojo-doori. Eenmaal ingecheckt werd ik begroet door de meest vriendelijke staff die me drie couponnetje gaven voor wat drankjes in de bar/lounge van het hostel en me een rondleiding gaven. Daarna ging ik meteen richting Kiyomizu-dera, die op een kwartier loopafstand lag.

Ik zou eerst met een Japans vriendinnetje uit Tokyo afspreken, maar die kreeg het niet voor elkaar om op het laatste moment shinkansen-kaartjes te scoren, dus dat feest ging niet door. Geen nood, want ik zou ook nog met Timor en Kirsten afspreken: twee Nederlanders die in Kyoto gaan studeren. Ik zat bij Timor in de klas bij een Writing Skills groep in Leiden en hij kwam laatst in Nagasaki, dus reden genoeg om de bloemetjes buiten te zetten. Maar ik zou ze pas 's avonds kunnen ontmoeten, dus moest ik mezelf in de middag vermaken.

Het weer was wonderschoon, dus ik liep flink door naar Kiyomizu-dera. Ik genoot uiteraard van mijn favoriete view ooit, maar het was me daar toch een heksenketel! Lichtelijk overrompeld door de massa had ik het voor mijn doen snel gehad en besloot ik de hoofdwinkelstraat te verkennen.

Mijn favoriete Kyoto-uitzicht ooit, misschien wel van heel Japan

Te voet ging ik richting Kawaramachi/Sanjoo-doori, the place to be om keihard yen te laten rollen. Nou had ik die avond nog niet zoveel yen laten rollen omdat ik simpelweg door de bomen het bos niet meer kon zien. Er was zoveel te zien en er waren bizar veel winkels en warenhuizen. Overwhelming shopping experience!


Na wat voedsel bij de Sukiya was de middag alweer om en had ik met mijn twee gidsen in Kyoto op een zekere locatie afgesproken. Omdat het nog geen tijd was en ik de locatie moest vinden, wilde ik er op mijn gemakje heen lopen. Helemaal zelfverzekerd ging ik natuurlijk keihard de verkeerde kant op, maar toen ik me dat realiseerde gebeurde er iets geks. Een fietser die vlak langs me reed keek verdwaasd om en ik had ook eventjes een zekere wtf-uitdrukking op mijn gezicht. De fietser bleek Adri Rommers te zijn, een student van mijn jaar in Leiden die in Kyoto studeert. Nadat we allebei moesten lachen en zeiden dat het een kleine wereld was wees hij me op het feit dat ik de verkeerde kant op liep. Gelukkig moest hij dezelfde kant op en liepen we babbelend langs Gion, de oude stadswijk. Omdat hij aan de studie moest voor de volgende dag namen we afscheid en ging ik richting mijn locatie.

Eenmaal herenigd met Timor en Kirsten, omdat ik ze al twee hele weken niet had gezien (!) besloten we door Gion te wandelen. De roze kleur van de sakura zag er goed uit gecombineerd met de gedimde straatlicht en donkere nachthemel. Sommige foto's die ik had genomen zagen er onwerkelijk uit!

Sakura in Gion!

Subliem!

Het was al relatief laat en omdat zij een curfew hadden moesten we eventjes snel een drankje doen in een decadente bar. Zo belandden we in een vage tent op de tweede verdieping in een smal steegje in Gion. Timor bestelde een maccha-cocktail en het duurde een half uur voordat hij het daadwerkelijk in zijn handen kreeg. Nadat hij eindelijk een langverwachte slok had genomen vroeg ik op keiharde volume of het niet きもい (smerig) was. Gelukkig zaten we maar een meter van de bar vandaan.. echt, ik deed mijn persoon eer aan..

Rond elven namen we afscheid en hadden we voor de dagen daarop ook afgesproken. Eenmaal in mijn hostel was ik brak en ging ik meteen slapen. Mijn futon lag hemels, maar het gesnurk van een Franse vrouw tegenover me was minder..

Op dag twee had ik een heel ambitieus wandel programma opgezet. Het weer was prachtig, dus reizen met de metro vond ik geen noodzaak. Met deze gedachte in mijn achterhoofd begaf ik mij richting het Filosofen Pad, een wandelroute met vele tempels. Just what Lena likes. Het culturele verlangen in mij werd perfect gestimuleerd.

Dit soort geweldige plaatjes kwam ik tegen

Zo bekeek ik ook de Eikando Zenrin-ji, een tempel van de Jodo-sekte, die een prachtige pagode met een killerview had. Sakura bloeide volop langs het filosofenpad, en dit resulterende in het feit dat menig Japanner en toerist er volop voor ging poseren.


Ergens in het Eikando Zenrin-ji complex

Uitzicht vanaf de pagode

Sakura aan het Filosofen Pad

Ook kwam ik bij het Zilveren Paviljoen terecht, het broertje van zou ik zeggen, die zijn zilveren laag nooit heeft gekregen. Het was daar niet alleen een heksenketel, maar het stond in de steigers!

Zilveren Paviljoen

Ugh.. nadat ik wat Kyoto specialiteiten en een maccha-ijsje had ingeslagen ging ik eventjes in zon relaxen.

Soort van uitgerust ging ik richting Keizerlijk Paleis. Ik schat dat ik daar een uur over deed, het complex zelf was van gigantische proporties en ik voelde mijn kuiten verkrampen. Na wat in de zon gechillt te hebben besloot ik om weer richting Kawaramachi te gaan om te winkelen. Succes verzekerd, want ik heb een yukata gekocht! Yukata-verkoop is redelijk sneaky, want de grote toeristenvallen verkopen yukata voor 6000 yen en je krijgt er niet eens een obi of koordjes bij. Ik weigerde om in de val gelokt te worden, dus ging ik naar een klein winkeltje in een zijstraatje op zoek. Daar scoorde ik voor 2700 yen een pracht yukata, obi, koordjes en een tasje! Ik kon die avond wel sterven van geluk!

Mijn tweede yukata!

Net zo gelukkig als een klein kind met kerst besloot ik me richting hostel te begeven. Toen ik de lounge binnenkwam maakte ik al gauw kennis met Duitse Teresa, Nederlandse Peter en Australische Beau die naar de Kiyomizu-dera wilden, omdat het mooi verlicht zou zijn. Nadat ze vroegen of ik mee wilde stemde ik natuurlijk toe en had ik geniale plaatjes kunnen schieten vanaf mijn favoriete uitkijkpunt!

Once again: mijn favoriete plek in heel Japan

Futuristisch ogende Kiyomizu-dera

Terug in het hostel ging ik borrelen met Peter en nadat de meeste gasten in hun futon lagen te knorren kwam Kenji, de leuke Japannert die in het hostel werkt, met ons mee drinken. Terwijl hij steeds gezelliger werd van de whiskey die een gast had achtergelaten werden de gesprekken steeds leuker en zei die dat Reina-chan (ik dus) zou wakker komen maken als ik niet voor 10:30 beneden bij het ontbijt zou verschijnen. Ok ok.. ik zou gaan ganbatte ageru voor hem. Mijn best doen dus.

Ha! Ik zat al rond 10:15 de volgende ochtend aan de ontbijttafel en kreeg een heerlijke koffie en boterham (Kenji was ook zo schattig..). Op deze betreffende dag had ik met Timor en Kirsten op Kyoto-centraal afgesproken om naar de Fushi Inari Jinja te gaan. Nou had ik al het genoegen gehad om het met Rolf en Sander 's nachts te beklimmen, maar overdag heeft ook zijn charme, deshou?

Voordat Timor en Kirsten kwamen besloot ik naar het dak van Kyoto-station te gaan en te genieten van de killerview. Het station zelf oogt super futuristisch en heeft zelfs een helikopter landingsbaan op het dak!


Vanaf de elfde verdieping van Kyoto-eki

Nice! Helicopterlandingsbaan!

Ondanks het killerview voelde ik een oude dansblessure opkomen. Mijn rechterknie deed echt te zeer en ik moest dadelijk ook nog eens talloze trappen gaan beklimmen.. maar ik zou de Inari Jinja trotseren! Mank of niet!

Eenmaal daar schoten we wat prachtplaatjes en besloten we te chillen op de helft van de klim. Op een gegeven moment sprong ik op en richtte ik mijn camera op mijn twee tourguides, terwijl ik dat deed liep er iemand met wat tassen voor het beeld. Geagiteerd riep ik hardop: "Wat doet zij!" en maakte ik de foto. Achteraf was het een Nederlandse.. mijn subtiliteit kent gewoonweg geen grenzen!

Voor de ingang van de Inari Jinja

Voor de toorii

Uitkijkpunt vanaf Inari Jinja

Na dat stukje schaamte kondigde Timor aan dat we 's avonds naar een Izakaya zouden gaan, omdat hij met een Japans vriendinnetje had afgesproken. Zij zou ons met drie anderen rond 18:30 in het centrum opwachten. Leek me harstikke gezellie, dus na enigszins mank de Inari Jinja te zijn afgelopen besloten wij bij een Starbucks in het centrum onze tijd te doden. Ik kocht een awesome Kyoto-edition mok!

Helemaal verliefd op mijn mok volgde ik de ondertussen grotere groep naar een Izakaya op de negende verdieping van een warenhuis. Het was een hele osshare bedoeling, heerlijk classy! Na lekker gegeten, gedronken en gebabbeld te hebben nam iedereen afscheid en liet Fransman Baptiste, die eerder in Kyoto had gewoond, mij zien hoe ik het snelst terug kon naar mijn hostel.

Rond tienen deed ik even een borrel in de lounge, maar Kenji kwam naar me toe om te vertellen dat er vandaag vroeg zou worden afgesloten en dat het feest voortgezet moest worden op de tweede verdieping. Ik had zoiets van, nou zeg.. maar, eventjes later toen alle gasten naar boven gingen zei Kenji dat de staff eigenlijk uit drinken wilden gaan bij een Latin-bar en vroeg of ik meeging. Zoiets sla ik natuurlijk niet af en zo ging ik met vijf Japanners en een Mexicaan genaamd Enrico naar bar 'El Latino'. Waarom perse een latinbar en waarom namen ze de Mexicaan mee? Blijkbaar kunnen sommige staffleden geweldig Spaans! Ik verbaasde me en zei dat ik al drie weken voor de grap ook Spaans leer. (Op mijn DS, my Spanish coach! Wat! Het werkt! Yo soy una muchacha, como estas?)
Met de Gojo-Guesthouse crew, dronken Mexicaan achterin, Kenji naast me

Het was een supergezellige avond!

We werden met de auto opgehaald, thuisgebracht en bij thuiskomst liet ik me even in de gemeenschappelijke ruimte zien. Voordat ik het wist zat ik beneden met een Canadese en Kenji tot vier uur 's nachts te babbelen.

Met pijn in mijn hart moest ik de volgende dag uitchecken en toen besefte ik me iets: ik vind het heerlijk om alleen te reizen! Ik ben eigenlijk gek op dormitories! Mensen ontmoeten, alleen op pad zijn, afhankelijk zijn van jezelf vind ik allemaal geweldig. Mijn Kyoto-reis heeft me echt zoveel zelfvertrouwen gegeven als mens en ik heb echt kunnen ontdekken wie ik ben als persoon. Als ik weer naar Kyoto terugga wil ik beslist in hetzelfde hostel verblijven.

Na afscheid te hebben genomen van de staff ging ik richting Kyoto-station om mijn spullen in een locker te dumpen. Daarna? Keihard winkelen! Maar, mijn knie deed echt heel zeer, het begon te regenen en ik was op een gegeven moment soort van verdwaald. Dit zorgde voor wat frustratie aan mijn kant. Ik kauwde woest op mijn kauwgom, tuurde gefronsd op mijn kaart en riep af en toe "ありえない" (dit kan toch niet!). Ik voelde me minder gelukkig op dat moment, maar hield mijn hoofd koel en alles kwam goed.

Ik was eigenlijk op zoek naar een Yojiya-winkeltje in een Daimaru-warenhuis. Yojiya is een traditionele Japanse make-up lijn, alleen in Kyoto verkrijgbaar en mijn mama zou er erg gelukkig mee zijn. Leuk en aardig, maar heel lastig te vinden.. en ja puur toevallig spotte ik de vrouw die in een spiegel tuurt, het symbool van het merk! Yokatta!

Na dat gekocht te hebben voelde ik me redelijk miserabel vanwege mijn knie. Het weer werkte niet mee, dus besloot ik mijn middag in de Starbucks door te brengen. Na wat verveling was ik er helemaal klaar mee en mailde ik Timor of hij dadelijk zin om wat te eten. Gelukkig had hij nog tijd om mij te chillen, dus besloten we een hapje te tijdje op de elfde verdieping van Kyoto-eki. Het eten was goddelijk! Ebi tempura-don (gefrituurde garnaal op rijst), udon en een overheerlijk cakeje! Perfecte maaltijd om mijn laatste uur in Kyoto af te sluiten!

Na het eten nam ik afscheid van Timor en Kirsten en liep ik op dat moment immens mank richting mijn shinkansen. Mijn reis verliep vlekkeloos, maar ik verveelde me te pletter omdat ik nergens zin in had. Bah! Eenmaal aangekomen op Nagasaki rond 0:00 besloot ik om een taxi richting huis te pakken, want mijn knie trok het echt niet meer..

Indruk? Ik hou van Kyoto! Het is nu in mijn optiek de mooiste stad van heel Japan. Ik zou er meer dan graag willen wonen! De stad leeft; het heeft zijn overweldigende kanten en zijn momenten van rust. Een drukke winkelstraat en een rustig uitkijkpunt. Een hoog contrast tussen chique, verfijnd en modern tussen het oude, elegante Japanse straatbeeld. Het is er prachtig, een stad naar mijn hart.

maandag 13 oktober 2008

Bye Bye Tokyo, Hello Nagasaki!


Yoshu, Disneyland Tokyo!


Dag 6

Vandaag was de dag waar Hotoke-sama naar heeft uitgekeken; we zouden namelijk naar Disneyland Tokyo gaan! In het begin had ik er niet zo gek veel behoefte aan, maar achteraf vond ik het tof dat we zijn gegaan. We vertrokken belachelijk vroeg, omdat Matthias erop stond dat we heel de dag zouden benutten. Ik wil natuurlijk veel karma-qudows verdienen, dus kon ik de Boeddha niet tegenspreken.

Het geniaalste gedeelte van die dag was de hoedjes die we hadden gekocht! Ik had mijn zinnen op zo’n Minnie Mouse hoed gezet, dus nadat ik dit aangeschaft had, droeg ik het heel de dag. Ik voelde me net zes met mijn geweldige oren en ik had het idee dat Rolf en Matthias zich nog jonger voelden met hun Mickey en Stitch hoedjes!


Omdat ik ondertussen vanuit Nagasaki blog zijn een hoop spannende Disney-avonturen uit mijn geheugen verdwenen, maar een ding zal me nog lang bijblijven. Ten eerste, heb ik altijd briljante ideeën en besloot ik, ook al regende het vet hard, in de Vliegende Dombo te gaan. Dit is trouwens een pauperversie van de Breakdance.

Hoe dan ook, nadat ik en de Boeddha een dik kwartier in de rij stonden en eindelijk aan de beurt waren, irriteerde ik me mateloos aan een mevrouw die daar werkte en die als een bezetene naar me zat te glimlachen. Nadat ik mijn ergernis niet voor me kon houden besloot ik haar na te doen, maar zoals gewoonlijk, werd ik betrapt op mijn idiote gedrag. Het is nog steeds speculatie, maar ik geloof dat ze me keihard terug wilde pakken, omdat ze mij als enige een Engelstalige boekje met regels gaf. Achteraf vroeg ze of ik het wel helemaal had begrepen.. Met een geveinsde glimlach besloot ik mijn vernedering te volharden en stapte ik met een stoïcijns gezicht in de Dombo. Heks.

Reichan, Rocchan en Macchan doen de Tanuki-slaap in de metro van Tokyo

Na Disney kwamen we redelijk laat thuis aan en moesten we eigenlijk allemaal nog inpakken, want we moesten al om half zeven 's ochtends in de shinkansen zitten. Met enige zelfkennis wist ik dat ik niet moest gaan slapen, omdat ik dan van mijn levensdagen niet zou kunnen opstaan, dus besloot ik samen met Rolf en Matthias nog een laatste keer naar karaoke te gaan. Eenmaal daar viel het me meteen op dat onze energielevels behoorlijk laag waren, maar dit weerhield ons niet om de meest foute nummers te verkrachten.

Zonder te hebben geslapen vertrokken we om half vijf stipt vanuit ons hosteltje en gingen we met onze zware koffers richting Tokyo Eki (CS). Gelukkig was het niet druk in de metro, anders hadden we een behoorlijk probleem gehad. Hoe dan ook, het was ons gelukt om, na enig gezeik met koffers die op plekken stonden waar ze niet hoorden te staan, rustig in de shinkansen te zitten. Ik voel me redelijk wakker en wilde nog even DS-en, maar nadat ik te lui was om Dragonball in het Japans te spelen voelde ik mijn oogleden richting half zeven gaan. Zo was ik vijf uur lang van de kaart en heb ik geniale uitzichten over Kyoto, Osaka en Hiroshima gemist.

In Fukuoka hadden we slechts een kwartier om over te stappen, maar dat ging goed. Na nog iets van een uurtje in de trein te hebben gezeten kwamen we aan in ons nieuwe thuis: Nagasaki!

Onze nieuwe thuis

Omdat onze spullen zo gigantisch waren en de gemiddelde Japanner een hernia kunnen bezorgen besloot ik meteen om mee te gaan in de taxi. Met kritische blikken dachten ik, Matthias en Martijn meteen dat Nagasaki er een beetje pauper uitzag. Zo lang konden we er niet over nadenken, omdat we al gauw bij het centrum voor buitenlandse studenten in Nagasaki University aankwamen.

Meteen kregen we allerlei formulieren in onze handjes gedouwd en moesten we talloze gegevens invullen, maar dit deerde allemaal niet toen ik de sleutel van mijn nieuwe kamertje in mijn handjes kreeg! Op de vierde verdieping, in kamer 402, zal ik van mijn verblijf in Japan genieten! Ik wilde meteen het tweepersoonsbed en Glynis wilde met me ruilen, dus dat was goed geregeld. Mijn buren zijn Pyke, Matthias en Rolf, waar ik ondertussen parttime, 's avonds woon. Hoe dan ook, het leven hier is geniaal! Ik ben me bewust van het feit dat ik achterloop met bloggen, maar voorlopig is de mogelijkheid om te internetten hier gering, omdat elke godvergeten avond een stel Chinezen hier World of Warcraft zitten te spelen!